kerk, raakte ’k zoo in christelijk gedrang, vergiste 5k me zoo zot en zoo ergerlijk in de dimensies der vergeestelijkte lichamen, dat ’k om niet voor dronken versleten te worden, ongemeen haastig ’n rijtuig met ’n geraamte-rossinant en ’n knekel-koetsier nemen moest, en hier dadelijk weer m’n ééne mensche-oog en ’n ander van ’n jonge ree op de traditioneele plaatsen insereerde, in waarachtig zelfbehoud. Intusschen: ’t was buiten-, buitengewoon belangwekkend en leerzaam.... Als je ook ’ns de proef wil nemen?
— Dank u wel, zei Joep, minder door 5t ongezellig verhaal dan door ’t schitterend opleven der eigen oogen wonderbaarlijk-opgemonterd.
Zóó, als op dit moment, in de grijze kamerschemering,had-ie noch met de kateroogen, noch met die van den hit gekeken. De gewoonste dingen zag-ie gewoon, in de verhouding van vroeger, in dezelfde grootte, dezelfde zekerheid. Ze lichtten niet, toen-ie zich in ’n spiegel bekeek — ze lieten ’t sluiten der leden zoo gemakkelijk als met eigen oogen toe. O, als ’t ditmaal bereikt was, als-ie niet meer de aandacht trok, niet meer door monsterachtige afwijkingen ge
151