Joep's wonderlijke avonturen

Titel
Joep's wonderlijke avonturen

Jaar
1908

Druk
1934

Overig
2ed

Pagina's
235



VIJFDE KAPITTEL

HET VERLOSSENDE DONKER

Aan tafel, bij Loek’s teeder-zachte gebaren — en bij de nijpender verwildering der doodelijke vermoeidheid aanzwiepende nachtmerrievormen, bij ’t vlammend ge-fontein der zilveren koloslepels en -vorken, bij de gierende aanzwelling van borden, glazen en dekschalen, bij den vijver der soepterrein en de bacchantische pudding, lei-ie herhaaldelijk de handen voor de niet-te-sluiten oogen, om niet gefolterd te worden, niet in stuipende aarzeling mis te tasten.

Terwijl ze ’n peer als ’n vergroeide olifantstand met *r marmeren standbeeld-handen schilde en de schil-slinger de proporties van ’n slang aannam, begon ze met ’m te praten — stem, die ’t jeugd-timbre van Netje bewaard leek te hebben.

— Ik wou, glimlachte ze gedwongen, ’r bord toe: tenminste als u’r niet tegen heeft

— morgen of overmorgen m’n koffertje pakken.... U is door ’n wonder-van-God zoo verbazend genezen, dat u mij niet langer noodig heeft.... Bij anderen kan ’k licht

117

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.