Biecht eener schuldige

Titel
Biecht eener schuldige

Jaar
1905

Druk
1922

Overig
2ed

Pagina's
222



Donderdag.

. Stortregen.

De stilte in ’t huis is zoo volkomen, dat ’k ’r weer op los broddel.

In de villa schuins-achter heeft ’n dame, in deverandah, van negen tot twaalf zitten haakwerken. Na ’t koffiedrinken is ze opnieuw begonnen. Ze doet ’t eiken dag. Als haakwerken geen misdaad is — ’n moord van gezonden tijd — waarom zou ik dan geen uren met déze ongevaarlijke bezigheid mogen verdoen? Pourvu qu’on tue son temps!...

Zaterdagnacht geënerveerd gelegen.

’tOnweer was niet van de lucht. In de benauwde slaapkamer — 't noodweer was tè erg om ’n venster open te houden — in de broeiende kamer schokte ’t bed bij eiken donderslag. Eduard sliep.

Ik, door de gebeurtenisjes van den avond, over m’n slaap heen, lag uren te woelen, opschrikkend als de kamer door den dagschijn van ’n bliksemflits werd belicht.

Zonder ’n woord te spreken waren we naar boven gegaan. Na m’n vróólijk thuiskomen, na m’n weigering explicatie te geven waar ’k geweest was — ’k zou gesproken hebben, als óók hij had verteld — hervatten we met prijzenswaardige eensgezindheid de stemming, om mekaar niet te vermoeien.


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.