143
vogel vrij-verklaarden zoon te redden En dan —
die man antichambreert op ’t moment. . . .
Vorst.... Die. . . . Die ?. . .
Minister.... Jawel, Uw Hoogheid — de man zelf. Dat was mijn tweede éénigszins aangenaam bericht. . . .
V orst. Anticham.. . . (af brekend).. . . Excellentie, hou uw parapluie recht, wat drommel! . ..
Minister. Pardon, Uw Hoogheid. .. .
Vorst.... Dus de vent is tóch gekomen ? .. . En uit zichzelf?
Minister.... Uit zichzelf — en met een lichte, heel lichte pressie van mijn kant.. . .
Vorst.... Zoo. Dan kunt u ’m nu met ’n heel stérke pressie van uw kant duidelijk maken, dat ik zulk soort ridders niet ontvang! (opstaand, met de parapluie door Marius begeleid). . . . Met likkende vingers had-ie voor ’n week present dienen te zijn, toen wij dien vogelverschrikker de eer aandeden! Het behaagt hem thans te verschijnen, behaagt hem thans! Zeker omdat-ie bij onweer niets anders omhanden heeft! En de nieuwe klap in mijn gezicht, de nieuwe ongehoorde beleediging, dat de dochter van dat gedrocht, van dien charlatan, van dien spitsboef, met mijn zoon in de wolken apartjes heeft!