NIET VERBROKEN WERD DE KETTING
Een van de steeds opnieuw naar voren komende motieven van de galoeth-geschiedenis, is het wonder van het Joodse behoud. Hoevele verhalen vertellen ons niet curieuze evenementen, die dit illustreren. Wij mochten de vraag stellen, waar de Joodse kinderen van het plein waren gebleven; een feit is het, dat zij er inderdaad nog waren. De krachtige Joodse Kehilla van vroeger mocht dan een ernstige crisis doormaken, ook dit emancipatiegeslacht beschikte nog over voldoende reserves om het Jodendom zó over te geven aan verdere geslachten, dat „niet verbroken zou worden de ketting die van vaders reikt tot zonen”. Er bevond zich tot over het midden der eeuw in Amsterdam nog een Joods proletariaat, waarvan Rabbiner Hirsch in 1854 kon zeggen: „Welche Pflanzschule des Judenthums diese unverdorbenen, gesunden jüdischen Gemüther und Köpfe.” Samson Raphael Hirsch bezocht de scholen en de particuliere huizen, waar nog werd .,geleerd”. Hij zag de synagogen „die grossen und die vielen kleinen, und wahrlich das Herz ging mir auf bei dem Anblick der grossen Menge, die nicht an „hohen” obligaten Festtagen, die am „gewöhnlichem” Sabbath - und Wochentage die Räume füllte.” Maar Rabbiner Hirsch voelt tevens het gevaar! „Und doch müsste ich mir sagen, warum fehlt hier der Geist, der begriffe, was hier nun zu thun wäre, auf das auch nach 50 Jahren also die Gotteshäuser sich füllten, das wenigstens hier die Kämpfe erspart blieben, die in anderen Kreisen so schmerzlich tief Alles von einander gerissen ”
En ook in Amsterdam waren er, die met de grote Rabbiner konden meevoelen en die de crisis rondom het Meijerplein begrepen in alle omvang en diepte. Wij noemen, ook hier, de gebroeders Lehren: Hirschel, Meijer en Akiba. Hun milieu was nog ongebroken Joods en wel in volstrekt vóór-emancipatorische zin. Reizigers van heinde en ver werden geboeid door de opmerkelijke, Joodse gaafheid van deze
90