Het Jonas Daniel Meijerplein

Titel
Het Jonas Daniel Meijerplein

Jaar
1961

Pagina's
177



Tussen Tongeleth en Tollens

Gemeente Z.M. aan te bieden; Zijne Majesteit te paard gezeten na alvorens de beduiding der opgemelde ter hoogstdeszelfs Eer verwaardigde decoratie te hebben gevraagd, hoogst deszelfs tevredenheid des wegens met de uitdrukking der woorden trés joli betuigd hebbende, nam ook vervolgens gretig aan, het aan hoogstdezelve door den eenen gemelden president aangeboden boekje, houdende ’t opgemelde gebed, onder uitdrukking der woorden donnez, donnez le moi, zijnde ’t zelve boekje gedrukt op wit satijn en gebonden in een rood fluweele band, rijk met goud geborduurde randen de naamletter van Z.M. en het jaargetal. Zijne Majesteit vervolgens na aan de aanweezende menigte door herhaalde buigingen hoogstdeszelfs tevreedenheid aangeduid te hebben met hoogstdeszelfs stoet derzelve cours voortgezet hebbende, begaf zich de opgemelde trein in dezelve orde, waarin zij gekomen is, naar de vergaderzaal terug, zig onderling weegens ’t gebeurde feliciteerende en na hunne dank aan den president van ’t Opperconsistorie en aan den president en leeden van ’t collegie van parnassim te hebben betuigd, zeervergenoegd van elkander vertrokken en hebben parnassim derzelver secretaris gelast proces-verbaal van al dit gebeurde op te maken.”

De emancipatiesfeer druipt er van af. Door alles heen overheersen gevoelens van angst. Nebbisj. De grote Bonaparte was in Utrecht niet zo mals geweest. Toen bij de grote audiëntie in Lodewijks z.g. paleis de beurt kwam aan de deputatie der Joden, had de Keizer tot het hoofd ervan, de Heer Van Lier, de vraag gericht: „Van welke Joden zijt gij, van de Portugese of de Hoogduitse?” En nadat het antwoord had geluid: „Van de Hoogduitsen”, had hij gereageerd: „De Hoogduitse Joden mag ik niet lijden om hun schandelijke woeker en loterijhandel, waardoor zij vele huisgezinnen ongelukkig maken. Ik heb de Minister van Politie orders gegeven, een wakend oog op ulieden te houden.”

Niet nodig te vermelden, dat de Parnes sprakeloos was en dat dit voorval als een lopend vuurtje ook door het Amsterdamse Ghetto ging. Als de Amsterdamse kerkbestuurder Lemon op de stoep van de Grote Sjoel er dan ook met moeite uitstottert: „Soyez notre père, nous serons vos enfants”, heeft hij de laatste resten van zijn parnassale energie verbruikt.


82

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.