Het Jonas Daniel Meijerplein

Titel
Het Jonas Daniel Meijerplein

Jaar
1961

Pagina's
177



In onze dagen - voor onze ogen

„Kaalstub”, het centrum der gemeente, dat zich later achter de Neie Sjoel bevond. Door dit deurtje gingen tijdens de ochtendddienst de Raw met het bruidspaar, vergezeld door familie, naar het lokaal, waar de „maan” plaatsvond. Het gebouwtje verdween bij een of andere verbouwing; de deur hield het vol tot 1912. En zo zijn wij van de moderne choepoth nog eenmaal - en nu voor het laatst - afgedaald naar het voorgoed afgesloten verleden.

Teruggekeerd naar het Meijerplein omstreeks 1940, zien we tenslotte vlak bij het baldakijn nog de vijf „Schnorrers” voor de Neie Sjoel, die wachten op hun „matone”1). Kiksie en de „sterrekoeker” met zijn vrouw, die haar man begeleidde op een tamboerijn, als hij zijn lied zong, met het begin: „Riegen kan ik niet”. Ook was er eens Josj de Hondemepper, die zo graag rauw vet at, bij Koster op de Breestraat, op de hoek van de steeg. Tenslotte de arme vrouw met de gedraaide handen. En „Pronkbeen”, die zijn linkerbeen geslingerd hield om een stok, als een gordel van smaragd. Zelfs was er een man die „niks” had en daarom een stuk van zijn onderkleding den volke toonde... Met Japie Schapedief (aan wie Dr. de Hond zijn meesterlijk Kiekje wijdde) en de oude Gans waren zij de enige echte Ghetto-typen, wij die persoonlijk nog hebben zien dwalen door de straten en sloppen van de Jodenhoek.

150

1

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.