Moeder in Israël - een geschiedenis van het Amsterdamse Asjkenazische jodendom

Titel
Moeder in Israël - een geschiedenis van het Amsterdamse Asjkenazische jodendom

Jaar
1964

Pagina's
138



Hij is ook psychologisch in enkele facetten van de Kille doorgedrongen. Dat bewijst o.m. zijn absolute afwijzing van de laatste der grote gebroeders: Akiba Lehren.

„Lehren, den Sie, wie es scheint für die passende Persönlichkeit halten ist nicht nur nicht hierzu geeignet, sondern, wie es mir scheint — ich kann natürlich irren — sogar gefährlich, wenn er einigen entscheidenden Einfluss hierauf gewinnen sollte. Er ist, mit Ausnahme auf talmudischem Gebiete, durch und durch Mystiker; er kann sich daher mit Begriffen, Ansichten und Plänen, die auf natürlicher, nüchterer Grundlage beruhen, nicht nur nicht befreunden, sondern sieht sogar in denselben für die Religion Gefährliches. Ausserdem ist dieser gute, brave, für das Judentum glühende, aber vorurteilsvolle Man von Menschen umgeben, die Interesse daran haben, dass die faule Wirtschaft, die die Leitung der Angelegenheiten unserer armen Brüder in Palestina auszeichnet( ?), bestehen bleibe.”

Het lijkt hem beter contact op te nemen met Dr. Sarphati. „Wenn Sie den für Ihren Plan gewinnen können, haben Sie viel, sehr viel gewonnen. Dieser Mann, orthodox wie er ist, wird wahrscheinlich hierzu zu bewegen sein. Und was dieser Mann auszuführen imstande ist, davon können Sie sich kaum einen Begriff machen.”

Toch zou het Akiba Lehren zijn, die met zijn tegenvoeter A. C. Wertheim, Dr. Joseph Hirsch Dünner zou doen benoemen tot Opperrabbijn van Amsterdam en wel in het jaar 1874, twaalf jaar na Dünners komst in deze streken.

HET RABBANOET

Hebben de Lehrens in 1862 in de jonge Talmoedist reeds een potentiële Raw gezien, die eenmaal de sinds 1837 vacante plaats zou innemen? Dünner zelf heeft er — naar eigen latere mededelingen — niet aan gedacht. In een toespraak bij de huwelijksinzegening van een zijner dochters uitte hij zich jaren later als volgt:

„Van den dag, dat ik de eerste zelfstandige schrede op mijne levensbaan deed, koesterde ik den innigen wensch, gedurende mijne geheele aardsche loopbaan uitsluitend werkzaam te zijn aan mijne godsdienstige, zedelijke en wetenschappelijke volmaking, ver van het gewoel op de levensmarkt, teruggetrokken in de behagelijke eenzaamheid van den herder, die zijn kudde weidt. Niets was zóó ver van mijne bedoelingen verwijderd als het streven, aan het hoofd van een der stammen Israël op te treden. Niet de vrees voor de zware verantwoordelijkheid, aan deze taak verbonden, liet de gedachten aan een dusdanig doel niet in mij opkomen. De neiging van mijn hart, die mij de voorkeur deed geven aan het vertoeven in de stille ideale sfeer boven het verkeer in die der werkelijkheid. En ik gevoelde mij in deze sfeer gelukkig, was bovenmate tevreden ”

De vraag rijst, waarom deze stugge figuur toch blijkbaar te vinden was voor een ambt, dat hem van uur tot uur met de levenspraktijk moest confronteren. Het antwoord hierop luidt in de regel, dat hij uit vrees voor een onjuiste bezetting van deze belangrijke plaats van twee kwade zaken de minst erge zou hebben gekozen. Het is niet meer uit te maken of dit historisch vast staat. Wat intussen wél te constateren valt, dat is de inner

96

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.