de Bijbel op een wijze, die in Romaanse landen, waar het Katholicisme heerste, nimmer mogelijk zou zijn geweest.
Reeds uit de Geuzenliederen spreekt een diepe verbondenheid met de wereld van het Oude Verbond. Waren Joden niet eens door Pharao verdrukt, zoals destijds Hervormde Nederlanders door Alva?
B. Naar binnen
Deze vergrote aandacht voor de Jood en het Jodendom — met haar historische-theolo-gische oorsprong en gerichtheid — heeft ook onze positie naar binnen beïnvloed. Enerzijds is het zwaartepunt van wat wij „het Joodse Vraagstuk” plegen te noemen, verplaatst naar een Jodendoms-vraagstuk, waarmee vooral ook Christelijke theologen zich occuperen. Daarnaast verplicht de groeiende aandacht voor dit alles de Jood — of hij wil of niet — tot een persoonlijke houding tegenover zijn volk. De emancipatie der Joden heeft haar geschiedenis gehad! Het is al lang geen bon ton meer te spreken van Israëliet en te suggereren dat „men” nationale kenmerken weg wil denken. „Men” is trots op Israël en „men” verwacht allereerst van Joden, dat dezen trots zijn. Waarop?
WAT IS EEN JOOD ?
Het antwoord op deze vraag heeft ten nauwste te maken met de algemene verwarring, waarin wij Joden verkeren. Want iedere Jood, maar dan ook iedere, zoekt naar de vreemdste oplossingen voor een probleem, dat in onze geschiedenis volstrekt nieuw is. Om dit te demonstreren is het al voldoende de aandacht te vestigen op vele gedoopte Joden voor wie oorspronkelijk het „schmadden” toch allereerst een probaat middel moet hebben geschenen tot volstrekte assimilatie. Overal duiken zij op om ons (waarschijnlijk echter allereerst zichzelf) te verkondigen, dat de nieuwe Staat het geestelijke redmiddel bij uitnemendheid is. Nationaler vaak schijnt hun streven dan het Zionisme uit de voor-oorlogse jaren. Velen van hen vinden zowaar de weg naar Zion, waarvan hun rechtstreekse voorvaderen en ook zij zelf in een vroegere periode zo ver schenen afgeweken. En — zo moeten wij stellen — is dit nu niet het streven naar en het verwerkelijken van een Joods ideaal?
Wij komen op het spoor van zulk een redenering naar het alles beheersende probleem van onze actualiteit: WAT IS EEN JOOD? Anders geformuleerd: wie behoort tot onze natie en kan onze historie als zijn meest persoonlijke zo zuiver ervaren, dat hij mee kan helpen de waarborgen te scheppen voor een echte Joodse toekomst in een echt Joods land, naar beproefde maatstaven.
Het voor-oorlogse Zionisme behoefde zich met zulke problemen niet bezig te houden. Er was in dit politieke stelsel sprake van een 19e eeuws nationalisme, dat pasklaar was gemaakt voor Joodse verhoudingen. Het Zionisme streefde naar een publiek-rechtelijk gewaarborgde eigen woonplaats voor het Joodse Volk in Palestina en dat was zonder
135