De zoon van een gazzen

Titel
De zoon van een gazzen

Jaar
1967

Pagina's
414



Bij pag. 97

‘Reminiscenties kropen bijna tastbaar langs zijn huid omhoog.’ Men vergelijke Jacob Israëls beschouwingen over de gebedsriemen:

‘Maar dat ik jong, mijn heiige Tefillien Voor het laatst afwond, toen voor altijd borg;

Mijn hart en mijn lied vermoordt nu de zorg Om vreugd, die wroegt, om rust, die ik verloor.

Nu wringt de wroeging zijn knellende riem Nacht en dag om mijn hoofd en om mijn hand,

Bij droom en daad voel ik de straffe striem Rood opgeloopen, die koortspijnend brandt.’

Bij pag. 99

Salomo ben Mose Halevi Alkabitz, 16e eeuws liturgisch dichter, behorende tot de kabbalistische kring van Safed. Werd beroemd door de Sabbat-hymne Lecha Dodi, die ook Heinrich Heine inspireerde, die overigens in zijn Prinzessin Sabbat die hymne abusievelijk toeschrijft aan Jehuda Halevi. Cf. over structuur en betekenis van Lecha Dodi, I. Elbogen: Der jüdische Gottes-dienst in seiner geschichtlichen Entwicklung, Frankfurt a. Main 19242, pag. 108.

Israël Nagara (1555-1628), geboren te Safed, leefde sedert 1579 in Damascus en werd nadien rabbijn te Gaza. Een Nederlandse vertaling van zijn in de tekst genoemde Vrijdagavond-lied in J. L. Palache, De Hebreeuwsche Literatuur, Amsterdam z.j., pag. 331.

Zie over hem ook M. Waxman, A History of Jewish Literature, New York/ London 1960,11, pag. 93 v.v.

361

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.