De zoon van een gazzen

Titel
De zoon van een gazzen

Jaar
1967

Pagina's
414



vader; die met zelfaanklacht en wroeging zich verwijt dat hij van de eens genoten zielsrust zich zoover verwijderd heeft; die alle genietingen en ervaringen van later zou willen geven voor één dag van de verloren vrede. Wat hem aantrekt is dus niet het Jodendom, maar zijn herinnering aan het Jodendom; en indien men zeggen wil: tóch het Jodendom, dan in alle geval door middel van die herinnering.

De twee reeksen Rondom het Jaar en Aan de Heilige Sabbath, bijna de heele eerste helft van het boek, bevatten niets anders dan beelden van die herinnering, overstraald en overschaduwd door de dichterlijke aandoening. Niets anders dan de in lang verloren jeugd terugwerkende joodsche feestdagen.

Hij heeft tot al deze dagen een persoonlijke verhouding, die tevens een al-gemeen-menschelijke en een joodsch-nationale is. En dit persoonlijke verlaat hem niet.

Zelfs het besef dat die verhouding er eene is tot feestdagen schijnt hem niet te verlaten. Want ook de nu volgende gelegenheidsgedichten, voorkomende in de reeksen aan joodsche vrienden, aan de Nederlandsche Zionistische Studentenorganisatie en op de Bloemendagen van het Joodsch-nationaal fonds, als ook de regels op de Joodsche Tentoonstelling, betrekken zich, met enkele uitzonderingen, op dagen van viering of herdenking, en eerst de oorlog dringt dit persoonlijke herinneringsbestaan weg, en dwingt de zionistische dichter als de vertegenwoordiger van zijn volk, het heden het hoofd te bieden en de toekomst in te zien.

Het contact met de Nederlandse Zionisten was uiteindelijk vlees en bloed geworden voor het in berouw brandende dichterschap. Schone liederen op het Joodsch Nationaal Fonds hadden banaal klinkende propaganda-leuzen in simpele reclamekrantjes begeleid. De dichter zelve was de boer opgegaan voor het J.N.F. Hij had zich op de studie van het Hebreeuws geworpen en tenslotte de terugweg naar de Joodse traditie gevonden. Goed goed, het was een vreemde Tesjoewa geweest, die van de Vriendschap naar de Vroomheid had geleid; ofwel van het ‘heilige’ naar het Heilige, wat signifisch toch alleen maar wilde zeggen, dat hij dezelfde was gebleven. Maar in de levenspraktijk was hij van de ene tot de andere consequentie overgegaan en wel zo rechtlijnig, dat een bekwame Joodse buitenstaander als Leo Simons (van de Wereldbibliotheek) hem in een brochure over Joodsch/ Nationalisme en Assimilatie centraal had kunnen stellen, schrijvende:

Van uit deze verdrukking, zoowel als de achteruitzetting in landen als

267

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.