De zoon van een gazzen

Titel
De zoon van een gazzen

Jaar
1967

Pagina's
414



3. TSALMAWET

Woord uit Psalm 23:4: ‘Al ging ik ook in het dal der schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen; want gij zijt met mij; uw stok en uw staf die vertroosten mij.’

‘Schaduw des doods’ - van 1919 af vergezelde deze gedachte de gekwelde dichter, wiens laatste lied uit de tweede bundel tot titel draagt: Dicht bij de dood. Hij lag toen (i92o)ziek in het Schaare Tsedek-hospitaal aan de Jaffastraat, het Huis ‘de Poorten der Gerechtigheid’, waar hij - bevriend met de daar werkzame, ongehuwde dokter Mosche Wallach - zeer regelmatig kwam, ook om er aan de diensten te kunnen deelnemen in het sjoeltje van het ziekenhuis. In diezelfde tijd verzorgde hij het bundeltje opstellen dat in het najaar 1921 onder de titel Jerusalem bij Emanuel Querido te Amsterdam verscheen. De bundel uit 1925 - met een voorwoord van Carry van Bruggen -bij dezelfde uitgever, werd Palestina genoemd. Typerende nuance; want de dichter werd - gelijk wij weten - tijdens zijn leven bijna alleen beheerst door Jeruzalem, Jeroesjalajim, Jeroesjolojem. Hij dronk zich zat aan die naam, zoals hij zijn eigen naam kon koesteren: ‘Jacob Israël, mijn mooie Joodsche naam, waarop ik zoo trotsch ben en die als een vlag boven Het Joodsche Lied uitwappert.’

De eerste bundel dan wel te verstaan (want de uiting dateert van de herfst 1918) - bij de tweede hing zij reeds halfstok. En tot een derde kwam het nimmer. Want - en dit is een van de meest frappante momenten uit dit wonderlijke leven - op reis naar Palestina werd in het zieleleven van Jacob Israël de Haan een poëtische ontroering herkenbaar, die hij zelf niet kon verklaren, maar die hem niet meer los zou laten uit haar smalle greep.

Wij kunnen het proces op de voet volgen in zijn brieven aan Van Eeden. Het begin reeds op 2 februari 1919:

Hierbij zend ik je twaalf kleine gedichten van de reis voor De Groene. Nu ik toch uit Holland weg ben, voel ik mij niet meer zoo aan Verwey en De Beweging verbonden. Wil je ze plaatsen op de tweede bladzijde, waar ook altijd je eigen gedichten staan 1 Schrijf even een briefkaart poste restante Jeruzalem, als je de gedichten hebt gekregen. Laat Van Holkema het honorarium storten op mijn girorekening (Ri/is-giro) 10092. Hans houdt die reke-

255

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.