De zoon van een gazzen

Titel
De zoon van een gazzen

Jaar
1967

Pagina's
414



arbeid hier te lande schaden. Ten onrechte houdt hij dit voor zijn plicht. Als hij objectief de werkelijke feiten voordroeg of als ons werk bij een door hem gevreesde mislukking schadelijk was voor het Jodendom of het menschdom, dan had hij het recht publiekelijk te lamenteeren, doch het eene noch het andere is juist.

Hoewel in den Bond allerwege geprikkeldheid heerscht over de strekking van de Haan’s artikelen hebben wij er nimmer op willen reageeren: we hebben de journalistieke vrijheid van onzen medestander geëerbiedigd. Doch in den laatsten tijd werd het te erg, en nu het “Handelsblad” zelf plaats gaf aan een meening tegenovergesteld aan die van haren correspondent, mochten wij de onze niet langer terughouden.’

Zo was de stemming geworden in Nederland!

En in de wereldorganisatie was het al niet anders. Daar had men in hem -de uiterst begaafde jurist - een gevaarlijke tegenstander ontdekt, die opgewassen bleek tegen de grootsten der beweging. Niet de geringste onder de kenners van deze periode schreef ons letterlijk:

De Haan was zonder twijfel ook een hoogst bekwaam politicus. Als hij in leven was gebleven, had hij wellicht de Zionistische geschiedenis een ander verloop doen nemen. Hij was, hoewel bohémien en zonderling, briljant en overtrof in capaciteiten al degenen, die toen voor de Zionistische beweging in Palestina waren.

Van een officiële persconferentie tegen de dichter maakt het Handelsblad van 6 november 1919 melding:

WEEST STERK EN GOEDS MOEDS!

(Van onzen Londenschen correspondent.)

londen, 2 November.

Weest sterk en goeds moeds! dit waren de woorden, uitgeroepen in welluidend Hebreeuwsch door den Opperrabbijn en luide geapplaudiseerd door den Anglikaanschen bisschop van Jeruzalem, speciaal voor de gelegenheid naar Londen overgekomen.

Weest sterk en goeds moeds! dit waren de woorden herhaald door dien sterken, onder de sterken, Nahum Sokolöv, speciaal voor de gelegenheid overgekomen uit Parijs, waar hij de Joodsche delegatie presideert ter vredesconferentie.

‘Uw Jacob Israël de Haan is een dichter’, zeide hij mij, toen ik na de demonstratie hem over deze dingen ondervroeg: ‘wij moeten hem veel vergeven,

251

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.