De zoon van een gazzen

Titel
De zoon van een gazzen

Jaar
1967

Pagina's
414



gebeden. Ik ben door diepe dalen getogen. Wonderlijk, zoo weinig men in mijne omgeving gevoelt van mijnen strijd. Men vindt eigenlijk, dat ik aan godsdienstwaanzin lijd en zelfs bij Van Eeden heb ik geen steun gevonden. Ik hoop, dat u milder denken en gevoelen zult. Steeds deuwe,

Jacob Israël de Haan.

Een later schrijven aan Opperrabbijn L. Wagenaar (gedateerd 19-11-1915) laat doorschemeren, dat de beslissing samenviel met het gereedmaken en verschijnen van de eerste bundel van HetJoodsche Lied.

Jacob Israël de Haan.

Frans van Mierisstraat 118.    Amsterdam, 19-11-15.

Aan Dr(sic!)L. Wagenaar; Arnhem.

Zeer Hoog Geachte Heer, nog steeds moet ik u danken voor uw brief met uw vriendelijk aanbod mij bij mijn studie te helpen, waar mijn kennis te kort komt. Ik ben u daarvoor hartelijk dankbaar.

Waarom ik u dit na zooveel maanden zeg! De zaak is deze: na jaren van vervreemding keer ik terug tot alles wat ik nooit had mogen verlaten. Ik houd nu geregeld Sabbath- en feestdagen en zeg dagelijks de voorgeschreven gebeden. Daardoor heb ik veel minder werktijd. Bovendien heeft mijn gezondheid door velerlei aandoeningen geleden.

Thans geeft het verschijnen van mijne gedichten mij aanleiding u een exemplaar te zenden met de betuiging van de dank, die ik u reeds langen tijd schuldig was. Ik lees onze gebeden uit het door u bewerkte gebedenboek, en uwe bewerking is zoo goed, dat ook deze mij een reden tot dank is. Ik heb elke week nu weer een Hebreeuwsche les. Die uren houd ik vrij. Ik lees de taal tamelijk goed, en begin haar ook te spreken.

Ik werk aan mijn proefschrift over de rechtstaal, dat in het voorjaar klaar moet komen. Ik hoop ook eenig nut te hebben van wat ik van het He-breeuwsch leerde.

Zeer gaarne uw dw.

Jacob Israël de Haan.

Maar wat beide laatste brieven verzwegen, dat was de beslissende invloed van zijn goede en geplaagde vrouw, die als medica het verband had durven leggen tussen zijn maagziekte en zijn Jodendom. Hij kon het ‘treife’ eten niet meer verdragen. Zij, Johanna van Maarseveen, die in haar jeugd Joden had leren zien op een zelfde gevoelsafstand als pinda-chinezen, zij begreep,

202

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.