228
Indien het soortbepalend bijwoord bij ״toegerekend” moet zijn: ״strafrechtelijk” dan is artikel 37 hoogstens eene herinnering aan den rechter. Eene vrijwel Waar-delooze tautologie. τ) Want dan zou de wetgever ge-zegd hebben dat geene strafrechtelijke toerekening plaats heeft, wanneer geene strafrechtelijke toereke-ning kan plaats hebben.
* * *
verminderde Een van de meest-betwiste begrippen uit de groep hei^de^daâd »aansPra^e^j^1 verantwoordelijk, toerekeningsvatbaar” en toereke- is het begrip van de ״verminderde toerekenbaarheid” ningsvatbaar- ^er en van de מverminderde toerekenirigsvat-
heid des dciders
baarheid” van den dader. Beantwoorden deze woor-den aan wezenlijk bestaande begrippen en zoo ja : worden deze begrippen door deze woorden op de meest-zuivere en de meest-logische wijze uitgedrukt ? De signifische wijze van begrips-ontleding kan hier wellicht eenigermate behulpzaam zijn.
Bedoeling der Wanneer wij eene daad ״minder-toerekenbaar” mtdrukkmg noemen dan bedoelen wij, dat de daad begaan is in
״minder toere- . .
kenbare daad”, eenen toestand of onder omstandigheden, die haar minder slecht of minder gevaarlijk maken dan wanneer diezelfde daad was begaan buiten dien toestand of niet onder die omstandigheden. 1)
1
Doordat de ״toerekenbaarheid van de daad” voortdurend wordt gesteld tegenover de ״toerekeningsvatbaarheid van den dader״, wordt zij meestal slechts behandeld in verband met gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke storing van de verstandelijke vermogens. Dit is niet juist. Rechtvaardigingsgronden, andere strafuitsluitingsgronden dan ge-