93
. Prof. Dr. G. Heymans omschrijft waarheid als: „overeenstemming tusschen onze voorstellingen en eene werkelijkheid daarbuiten”.1) Hij meent, dat dit een „begrip” is ook „uit het dagelijksch leven”. Dat is onjuist. In het dagelijksch leven hebben wij niet een begrip van waarheid, maar een intuïtie. En voor den intuïtieven dage-lijkschen omgang hebben wij daaraan genoeg. Een logische definitie kan die van Prof. Heymans ook niet zijn. Want dan moesten eerst, vrij van het begrip „waarheid” gedefinieerd zijn de begrippen: „overeenstemming, voorstelling, werkelijkheid”. Definities2) en syllogismen3) zijn tautologieën. Hiermede is niet gezegd, dat zij waardeloos zijn. Maar wel, dat wij niets kunnen leeren door definieeren en redeneeren zonder intuïtieve beleving. Begrippen als: waarheid, overeenstemming, werkelijkheid, enz. kunnen in logische redeneering alleen worden ingevoerd, wanneer wij ze intuïtief hebben beleefd. Men kan niets bereiken door een begrip te definieeren met andere begrippen. En deze weder te definieeren. En zoo voort. Eindeloos. Zelfs in wiskunde kan men niet eindeloos de eene stelling terugvoeren tot de andere. Wat het
1
x) „De psychologische methode in de logica” in T. v. W. Jrg. II, blda. 208.
2
) F. Mauthner „Beitrage zu einer Kritik der Sprache”, Deel III, bldsa. 299—314.