PIJPELIJNTJES
't niet kwalijk, die wist d'r niet van, maar zo doe je niet. Ik had de halft van de kip voor 'n daalder gekocht as m'neer Sam de andere halft nam, dat was afgesproken.
- D'r was niks afgesproken, ik heb alleen gezegd, dat ie niet minder as 'n daalder ging.
- 't Benne geen meniere, juffrouw Meks, wat zou u zegge, as ik u huis deris onder u gat weg an 'n ander verhuurde of ineen 'n kwartje opsloeg?
Juffrouw Meks begreep.
- Ja, susknuste ze, dat is nou ook weer waar, daar hèt juffrouw Bramer nou ook weer gelijk in, ik heb de halve kip eige-lijk al an juffrouw Bramer verkocht... maar as u de andere halft wil hebben?
- O, dat is best... de helft, dat is dan voor elk zeventien en 'n halve stuiver.
- Ik heb 'm voor 'n daalder gekocht, de helft is dus maar vijftien stuiver, spitsgierigde huisjuffrouw.
Maar bewegingloos kalm Sam weer.
- 'n Daalder is te goedkoop, dat is geen prijs voor zo'n kip, u kan de helft krijgen voor zevenentachtigen'nhalve cent, en as u dat niet wilt, dan nemen wij 'm helemaal... ik begrijp niet hoe u zo op twaalf en 'n halve cent kan kniezen, 't is 'n kip van 'n paar gulden bij de poelier.
- Welzeker, waarom geen rijksdaalder, smaalde juffrouw Bramer1, maar fatsoenlijk zuurzoette zij: ik knies niet op twaalf en 'n halleve cent... je maakt een goeie, juffrouw Meks, vijf en dertig stuiver voor zo'n kip.
- 'n Kip van twee gulden, kalmsarde Sam, u heb nou de helft gekocht en gekocht is gekocht, maar ik wou 'm best alleen hebben voor twee gulden ook.
De huisjuffrouw toornbeefde, maar Sam beredeneerde voort:
i. De oorspronkelijke tekst heeft: Kramer
IO9