lezen... kom maar gerust... het is werkelijk wel belangrijk... ja, je moet rustig wezen, en je niet overstuur laten maken, door iets dat niets is.'
Toen wij in de binnenkamer kwamen stond het fraaie kistje van het monster op een tafel onder het licht van een gele lamp. Het hoofd was monsterlijk groot in die schijn. De ogen had hij open en starend naar verre dingen. Een lang en breed Chinees geschreven schrift stond voor zijn ogen open.
Hop-Ki keek op nadat wij waren gekomen, en John sprak tegen hem eerst Chinees en toen ook Engels, waarin ik medesprak. Wij bleven eerst rustig wel een uur in zijn gezelschap, dat mij nu aangenaam vermaakte, zonder ontroering en afkeer. Hop-Ki sprak vaardig en fijn over de oude Chinese letterkunde en de hedendaagse Engelse, waarin John hem klaarblijkelijk voldoende onderwezen had. Want hij kende Hubert Crackanthorpe en E. Dowson, terwijl John hem echter niet met Oscar Wilde had bekend gemaakt.
Maar nu zat John mismoedig stil, met zijn hoofd in zijn linkerhand geleund. Hij sprak de laatste tijd geen woord meer mede. Het vlees onder zijn doffe en donkere ogen trok van pijn, en het rode nood-zweet brak hem uit. Hij was ziek, en hij stond naast de tafel, waarop Hop-Ki was geplaatst.
John legde zijn handen rondom dat grote hoofd, daarna kortaf draaide hij de week-dunne nekwervels om, die kreunden.
Hij had Hop-Ki vermoord.
86