JERUZALEM, 31 Januari.
Zondag. Het is de laatste dag dat wij de Lucht zullen Inademen. Wij hebben te Tel-Aviv kost, inwoning en huiselijk verkeer genoten in het huis van den heer Benjamin Ben-Nachoem, die den mooisten baard en de vinnigste vrouw van geheel Jaffa heeft. En dit alles voor het simpel schijfje van tien gulden per dag. Wij hooren hier ook, dat alles weder zalig duur is. Onze wagen, die in het einde grootendeels uit touwtjes en touwen bestond, is weder toonbaar gemaakt. Dat wij daarvoor drie pond hebben geofferd, zal iedereen gelooven, die dit leest. Wij behouden hartelijk herinneringen aan een kuil dicht bij Gaza, waar een achterveer is gesprongen. En aan een prachtige cactuslaan, niet ver voorbij Ashdod, waar de heele kap tegen den grond is gegaan. De schoonheid is overal. Maar moet men dan de wijsheid niet prijzen van mijnen vriend Abdoel Salaam Effendi, dat hij de veer en de kap met
155