ASHDOD-ESDUD, 27 Januari.
Neen, de karabies heeft zich rustig gehouden in de stad, waar Dagon, de Vischgod, vroeger zoo duchtig heeft gespookt. Toch vraag ik de Eeuwigheid, hoe een zwarte bakerskara-bies gekomen is te Ashdod, in het land der Philistijnen, dat thans Esdüd heet.
Het wakker worden in de kamer van onzen gullen gastheer Isaac Effendi. Zijn zwarte knecht komt binnen. Hij brengt ons koffie, thee en suiker. Wij van onzen kant geven cigaretten. En wij hooren, dat deze zwarte knecht Fouad heet. Juist als het zwarte knechtje te Jeruzalem. Maar ik geloof, dat de onze zwarter is. Wij zijn allen goed uitgerust. En juist in eene stemming om ieder zijn eigen Fouad het zwartst te vinden. Denkt overigens niet, dat het wakker worden in de kamer van Isaac Effendi te Esdüd zóó eenvoudig is als bijvoorbeeld het wakker worden bij eenen Hollandschen vriend in een Hollandsch huis. Welk een moeilijke en waardige zegen
135