83
onder den titel „Shulchan Shelomoh” (Amsterd. 1725)'een rabbinale beslissing omtrent de Sabbatgrefis aldaar. Om namelijk een afgescheiden gebied te verkrijgen, waar binnen zij op. Sabbat mochten dragen, hadden zij een draaibrug en verschillende hekken om het dorp laten maken.
Een andere Synagoge in de Vechtstreek bestond in Vreeland, en was gesticht door Abraham Fundam, die hofnar van Prins Willem V is geweest. Deze Synagoge „Kenéseth Abraham” genaamd, was op het einde der 18e eeuw gesticht, doch reeds in den aanvang der 19e eeuw opgeheven.
Ook Naarden bezat reeds in de 17e eeuw een Portugeesche gemeente, in het bezit eener Synagoge. Nog langen tijd nadat de Portugeesche Joden de vesting hadden verlaten, werd de dienst volgens den Portugeeschen ritus onderhouden. Later is het gebouw aan de Nederlandsch Israëlietische Gemeente aldaar afgestaan.
Een soort Portugeesche familie-Synagoge bestond sedert 1780 in Haarlem op het landgoed der familie Henriques de Castro, wier leden Mozes en Isaac, zoons van David Henriques de Castro, een Synagoge onder den naam „Migdal David” hebben opgericht, welke in den aanvang der 19e eeuw nog heeft bestaan. Hieruit heeft zich echter geen gemeente ontwikkeld.
De omstandigheid, dat de Amsterdamsche Joden noch in Spanje, noch in Portugal mochten komen, deed hen onder de Marranos in die landen omzien naar personen, die aldoor hun belangen konden behartigen. Zij bedienden zich in hun correspondentie van een gefingeerden naam (alias), teneinde de spionnen der Inquisitie op een dwaalspoor te brengen. Zelfs in Amsterdam liepen dergelijke spionnen rond, die gegevens omtrent de hier wonende Joden en hun correspondenten verzamelden; men kon dus niet voorzichtig genoeg zijn. Zelfs bewerkte de Spaansche Consul te Amsterdam voor den gezant van Spanje in den Haag een lijst van Portugeesche Joden uit Amsterdam met de namen hunner correspondenten en den alias, dien zij voerden, welke opgave Philips IV in 1655 aan de Inquisitie deed toekomen. De lijst bevatte o.a.