*
Een gekrabbel aan de deur, een zacht miauwen.
Hij doet stil open, streelt even de magere kat, die zich tegen zijn been dringt en omhoog loert met haar gele ogen.
De oude vrouw slaapt rustig. Hij is ook doodop, neemt de overtollige dekens, maakt van zijn oude jas ’n hoofdkussen, legt zich op de grond neer.
Na jaren komt ’n beetje vocht uit zijn ogen, even, dan overweldigt hem de slaap; de poes strekt zich op zijn borst uit.
COMEDIA EST FINITA.
181