Vught, dertien maanden in het concentratiekamp

Titel
Vught, dertien maanden in het concentratiekamp

Jaar
1945

Pagina's
158



zijn ogen, zijn kaken klemmen zich van ergernis op elkaar. Wat een rotvolk heb je toch op de wereld. Niks mee te bereiken. Nauwelijks zijn ze het kamp uit of ze likken weer de hand, die hen sloeg. Om hopeloos van te worden. Nou zie je maar, hoe gauw de mensen vergeten, ze leren nooit. De wereld wordt steeds beroerder. Maar ach, wat staat hij eigenlijk in zichzelf te kankeren, hij is nou toch vrij 1 Hij is niet gekrepeerd. Hij heeft geluk gehad. Nou moest hij eigenlijk blij zijn. De man doet vergeefs moeite om een prettige gedachte met het woord vrij in verband te brengen. Vanzelf nemen zijn gedachten weer een zwaarmoedige loop. Hij hoeft zichzelf niets voor te liegen, de laatste brief van thuis was duidelijk genoeg. Voordat hij wegens Wehrmachtsdiefstal gearresteerd werd, ging het al niet al te goed tussen zijn vrouw en hem, maar nu, na zoveel tijd ... Afijn, afwachten maar. Wellicht zit hij weer spoedig in Duitsland. De beurs zal hem wel gauw oproepen.

Een andere Haftling loopt in zijn eentje het perron op en neer. Hij wil nu alleen zijn, geen vragen beantwoorden. Wat geweest is nam vandaag zijn eind. Nu begint een nieuw leven. God zij dank heeft hij het kamp overleefd. Zijn moeder zal wel opkijken. Het is jammer, dat hij haar niet van tevoren kan opbellen. Ha, daar komt de trein, nu nog enkele uren en hij is thuis.

In Amsterdam aangekomen spoedt de sombere Haftling zich naar huis. Wat loopt hij toch hard! Wat is het, dat hem zo doet voortjagen ? Hij weet immers, dat hij niets goed meer te verwachten heeft ? Dit begin van de vrijheid wordt tevens het eind van een nog diep in zijn hart gekoesterde hoop. Maar waar piekert hij nog over. Het geeft niets om op de zaak vooruit te lopen. Hij zal gauw genoeg weten, waar hij aan toe is. In een achterbuurt blijft de man voor een verveloze deur staan. Op zijn kloppen doet een afgeleefde vrouw open. Even kijkt ze hem onderzoekend aan, dan valt haar mond open van verbazing.

„Verrek Jan, ben jij het ? Leef je nog V*

De vraag met een stug „Zoals je ziet,” beantwoordend, gaat de man zijn buurvrouw voorbij en begint de trappen te beklimmen. Op de derde etage blijft hij staan. Even voelt hij

154
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.