men kan strijden tegen de krachten die ontbindend werken op de Joodse groep.
Als laatste doelstelling hoort naar ons inzicht een analyse gevolgd te worden door een indicatie van een mogelijke therapie. Bij het aangeven van een therapie is het zonder meer duidelijk dat de subjectieve instelling van de schrijver een rol speelt. Gezond en normaal zijn geen absolute waarden. De schrijver stelt het dan ook op prijs, wanneer de lezer dit laatste deel van het laatste hoofdstuk apart wil zien als een persoonlijke conclusie naar aanleiding van een zo objectief mogelijk gehouden onderzoek. Men zou op deze plaats kunnen stellen, dat dit onderzoek reeds daarom zo objectief mogelijk is uitgevoerd om in ons persoonlijk oordeel zo sterk mogelijk te staan.
Met M. Buber willen wij dan hier stellen dat niet zo zeer de assimilatie der Joden aan een andere cultuur door ons als negatief ervaren wordt, maar nog eerder de atomisering der individuele Joden1.
Met E.V. Stonequist2 achten wij het essentieel dat „the individual possesses insight and wishes to maintain his self-respect”.
Met Th. Lessing3 en K. Lewin zien wij de Joodse zelfhaat als een afkeurenswaardig verschijnsel, een ziekte4.
Achad Haäm heeft dit verschijnsel beschreven onder de naam „uiterlijke vrijheid en innerlijke knechtschap ”s. Het doet zich voor bij elke minderheidsgroep die vervreemd is van haar eigen cultuur6.
zijn Jood-zijn en toch gelukkig zijn; een probleemloos Jood zijn en ongelukkig. Het zich diepgaand bezig houden met één aspect — een wetenschappelijke noodzaak -brengt het gevaar mede hieraan een te overheersend belang te hechten en de werkelijkheid daarmee geweld aan te doen.
1 Zie A. Böhm - „Die Zionistische Bewegung” Berlin, 1920.
2 In „The Marginal Man” - New York, 1937 - p. 209.
3 In „Jüdischer Selbsthass” Berlin, 1930.
4 Hier is een duidelijk verschil in beoordeling tussen de i9e-eeuwse Heine, de assimilant, en de 2oe-eeuwse bewuste Jood Lewin. De eerste noemde het Jodendom de ziekte, de tweede het niet bekendzijn met het Jodendom.
5 „Äussere Freiheit und innere Knechtschaft” aus dem Hebräisch - Berlin - Charlottenburg, 1901.
6 Bij de Bantoes in Zuid-Afrika is dit verschijnsel beschreven in „The Dispossessed” van Laura Longmore , - London, 1959.
!34