Zelfs in de orthodoxie erkent men hem, de gedoopte, als een grote Jood. Hij heeft het niet verwacht: „keinen Kadosch wird man sagen”. Maar ook nu nog denkt menige Jood, dat zijn verwijdering van de Joodse cultuur een hoogst persoonlijke stap is, terwijl hij juist hierdoor het meest representatief is voor de groep als geheel. Men zou dit verwijderen van de Joodse cultuur zelfs het specifiek „Joods” gedrag van nu kunnen noemen.
„Zo’n assimilant als ik zal U nog niet veel ontmoet hebben” hoorde men bij tientallen interviews. Men zou de Amsterdamse Jood in 1962 generaliserend kunnen beschrijven als iemand die afstamt van dragers van een specifiek Joods cultuurpatroon en hieraan zelf in veel geringere mate deel heeft. Hiermede zijn de grenzen van Joods en niet-Joods groepslidmaatschap zo vaag geworden, dat zij bijna niet meer te overschrijden zijn, behalve na generaties van gemengd huwelijk. Zij zijn namelijk nu bijna uitsluitend bepaald door een onveranderlijk gegeven, de afkomst1. Anders geformuleerd: door het gebrek aan Joden met een duidelijk Joodse manier van leven worden alle afstammelingen van de Joodse groep als Joden aangeduid (ook al pleegt men dan een overtreding in de zin van de warenwet - mondelinge uitlating van Dr. I. Swelheim -). De assimilatie in culturele zin heeft de grenzen tussen Jood en niet-Jood zo vaag gemaakt, dat op de meeste terreinen van het sociale leven de Jood geen barrières ondervindt in de niet-Joodse groep, maar tegelijk blijft men hem beschouwen als Joods groepslid2. Samenvattend, Klatzkin had het juist gezien toen hij schreef over het vervagen van de Joodse cultuur in de diaspora; het spoedig verdwijnen van de „galuth-Jood” na het stichten van een Joodse staat wordt echter door de feiten niet
Het proces van de verzwakking van de grenzen tussen de Joodse en niet-Joodse wereld is in de dertiger jaren reeds duidelijk beschreven en geanalyseerd door Kurt Lewin, onder meer in zijn artikelen „Psy-
122
1
Ook de niet-Jood die Jood wil worden, wordt door de meeste groepsleden in de eerste generatie niet als zodanig erkend.
2
En tegelijk blijft hij zichzelf ook als Jood beschouwen. Zie ook de opmerking op blz. 102.