heden, die zij steeds plachten te doen en die zij zullen verrichten, zoolang deze planeet bewoonbaar blijft.
Louise ligt op een rustbank in de serre van de villa en staart mistroostig over de zee. Zij weet sinds eenige dagen, dat Dries Hartvelt zich voor zijn hoofd heeft geschoten. Zij is zeer mild jegens zijn nagedachtenis gestemd en weet nog steeds niet, hoe zij haar geestelijke depressie moet overwinnen. Maar den moed tot een dergelijke daad zal zij nooit hebben.
Het filiaal van de Kolonia in de Vloed-straat bloeit, zooals alle filialen van deze onderneming. Directeur Dirk Hartvelt heeft een paar dagen de zaken in den steek moeten laten, wegens dat geval met zijn boer. Het schijnt slechts een aansporing voor hem te zijn, om energieker dan ooit aan te pakken. Verder merkt niemand iets aan hem. Hijzelf misschien ook niet.
Het winkeltje van Alberts bestaat nog. Toos is niet harteloos, maar zij heeft een jongen ontmoet, die haar gelukkig kan maken. Waarom zou ze de kans niet aangrijpen? De zaak gaat toch op de flesch.
!5*