Dit is het Zuiden
Dit is het zuiden. Er rijst een golf bos voor de einder. De brandende middag verdonkert tot een diepzee vol fluistering waarin onze stemmen verdrinken. Voet voor voet gaan wij dit onderzonse door, met nauwelijks nog adem voor de eerstvolgende stap.
Dan, in een huid van halfgeronnen zweet, wankelen wij de lage kroeg in, blok van koelte, met een oude geur van wijn dooraderd. Door een mannenhand wordt ons het glas gereikt. Een ogenblik spiegelen wij ons in het hartebloed der aarde, maar reeds overwint de dorst onze verwondering. Wij drinken en verstaan al wat de bomen fluisteren en houden peinzend ons glas ertegenaan.