Het geheim van De Beukenhorst

Titel
Het geheim van De Beukenhorst

Jaar
1957

Overig
roman

Pagina's
272



Blinxma straalde en riep uit: „Heb ik het niet gezegd!” Hij vloog de brief door en vervolgde: „Nu zijn we een heel stuk opgeschoten!”

„Denkt u?” vroeg Hans koeltjes, terwijl hij de brief weer van Blinxma aannam.

„Ik ben er zeker van. Ik geef toe, dat dat voorbarig klinkt en het is ook meer een gevoel van mij. U gaat er toch zeker dadelijk op af?”

„Hoever is Fichtel hier vandaan?” vroeg Hans aan Marie, die met thee binnenkwam.

„Een half uur fietsen,” antwoordde ze. „De busverbinding is slecht. Moet je in Fichtel zijn?”

Als antwoord overhandigde hij haar de brief van de heer De Gaai.

„Ajakkes! Wat griezelig!” waren Maries eerste woorden, toen ze het epistel had gelezen.

„Waarom zegt u niet: wat interessant?” vroeg de kolonel. „Maar is het dan niet griezelig, dat ze daar indertijd een lijk hebben gevonden? En het griezeligste is misschien wel, dat die meneer De Gaai dat zo goed heeft onthouden.”

„Daar hebben wij niets mee te maken,” luidde de zakelijke repliek van de kolonel. „Voor ons, ik bedoel voor meneer Bartels, komt het er alleen maar op aan, dat daar misschien een spoor ligt.”

„Nou, als je mijn fiets wilt lenen,” zei Marie tot Hans, „kun je hem krijgen. Je moet de weg achter de kerk inslaan. Je rijdt tot het kruispunt en daar ga je rechtsaf. Bij het kruispunt staat trouwens een wegwijzer.”

Hans dacht er geen ogenblik aan, het spoor niet te volgen, maar hij kon zich nauwelijks voorstellen, dat het hem veel



161

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.