Het geheim van De Beukenhorst

Titel
Het geheim van De Beukenhorst

Jaar
1957

Overig
roman

Pagina's
272



„Ik wou, dat m,n tante nooit had bestaan!” zei Hans uit de grond van zijn hart.

„Waarom?” vroeg Marie verwonderd.

„Dan kon ik echt genieten van dit hier.” Hij wees op de hei en de bosjes, die hen omringden.

„Waarom zou je dat nu ook niet doen?” wilde zij weten. „Tante of geen tante, er is altijd wel iets, waarover je je bezorgd kunt maken. Op die manier zou je nooit eens echt, spontaan kunnen genieten.”

Ze had gelijk. Natuurlijk had ze gelijk. En hij wilde graag zijn best doen, ernaar te leven.

In de verte klonk een dof geklos, dat vrij snel naderbij kwam. Het was een troepje ruiters, allen jonge mensen. Wiegend zaten zij in het zadel, het bovenlichaam enigszins voorovergebogen.

„Hallo, dag, Toos!” riep Marie uit.

Een van de jonge meisjes riep terug: „Hé, dag, Marie!”

Ze lachte naar Marie en wierp even een belangstellende blik op Hans. Toen ze hen reeds was gepasseerd, keek ze nog een keer om. Hans had duidelijk de indruk, dat ze het deed om die snoeshaan, met wie Marie daar wandelde, goed op te nemen. Het kon hem weinig schelen. Je bleef nergens lang onopgemerkt, zelfs niet in de zo stille omgeving van Eelstwoude.

„Wie was dat?” vroeg hij.

„O, Toos van Gennep, een oud schoolvriendinnetje van me,” antwoordde Marie.

Ze scheen niet in ’t minst van streek te zijn door de ontmoeting. Waarom zou ze ook? Stak er iets ergs in, dat ze hier met een jonge man aan 't wandelen was? Iets ergs, neen, maar het zou zeker stof tot praten opleveren. En



130

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.