Dorp in de branding

Titel
Dorp in de branding

Jaar
1975

Overig
roman

Pagina's
182



verzekeren? Dwaasheid, men verzekerde geen toekomst. Wat vandaag hecht was, lag morgen tegen de vlakte. Elke dag opnieuw begon de strijd.

Hij nam Jan onder handen, vroeg hem of hij dacht, dat hij ooit alleen voor de zaken zou kunnen staan. 'Het is niet urgent, maar we moeten vooruitzien. Beschouw het niet als een schande. Als Henk had gewild, zouden jullie ook met je tweeën zijn geweest/

De schande liet zich niet zo gemakkelijk wegpraten. Het beetje zelfvertrouwen van de jongen kreeg een nieuwe knauw. En dan: was vader van plan zich terug te trekken?

‘Nee, ik ben het niet van plan. Maar daarom zou het nog wel kunnen gebeuren. Je leven kan voorbij zijn, ook zonder dat je ziek of dood bent/

Hij sprak en handelde zakelijk als een begrafenisondernemer. Toevallig was het zijn eigen begrafenis, die van zijn hoop en verwachting. Een verrassing was dit sterfgeval niet: de patiënt had allang een schijnbestaan geleid. Van Heel, een pientere jongeman van zijn kantoor, stelde hij het mededirecteurschap in het vooruitzicht. Werken zou hij moeten, meer dan een mens aan kon. De bediende hoefde alleen om eigen positie te denken, de baas om allen, die onder hem stonden.

En daarmee waren alle voorbereidingen gereed. Bauer, met zeldzame spot, noemde dit de nakuur, waarbij hij dan de vakantie als hoofdkuur beschouwde. Maar Blom, hoewel gevoelig genoeg voor spot, vond geen reden tot lachen. Hij zag, dat Bauer evenzeer als voorheen door zijn waandenkbeeld, zoals de arts het noemde, werd beheerst. Het verblijf buiten Stormoord had hem niet afgeleid. Het was nauwelijks te verwachten geweest. Bauer had, zij het niet zonder verzet, gevolg gegeven aan alle wenken. Wat had de dokter bereikt? Zo hij het antwoord zelf niet kon vinden, kwam Koosje het hem vertellen. Zij overlaadde de oude vriend met verwijten. Als hij zich voor een goed psycholoog had gehouden, mocht hij nu wel inzien, dat hij iets anders was, dat zij niet wilde uitspreken. ‘Zeg het gerust. Je vindt me een knoeier, een sukkel, een ezel.. /

‘Waarom hebt u vader niet met rust gelaten? En ik heb me op sleeptouw laten nemen! Natuurlijk ging het slecht met hem. Maar ik geloof niet, dat zelfs een dokter het recht heeft,

178

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.