Dorp in de branding

Titel
Dorp in de branding

Jaar
1975

Overig
roman

Pagina's
182



hij van lieverlee toch, dat dit deel van het mensdom hem in menig opzicht meer had te zeggen dan de rest. Zij, althans de besten onder hen, zagen elke dag opnieuw de schepping aan, als was zij zojuist door God geformeerd. Zij zochten naar een contact, een gemeenschap met het hoogste, en gaven daarvoor de schatten dezer wereld prijs. Zij waren dromers, dwepers, schooiers vaak, die zich niet lieten vangen in het net van een in leugen en ongerechtigheid voortziekende maatschappij. Zij droegen iets van het vuur, dat helden en profeten maakt.

Bauer moest dit erkennen, al ging het hem niet van harte af. Niet zozeer omdat deze zelfde mensen anderzijds zo dikwijls met zijn ideaal in strijd kwamen. Maar omdat hij nog altijd niet kon inzien, waarom een beoefenaar van zuivere arbeid in het kader der maatschappij niet kon leven onder het onuit-blusbare licht van God. Waar waren zij, de arbeiders, de zakenlieden, die men aan iedere oogopslag, aan ieder gebaar, als geroepenen kon herkennen? Het vissersvolk - maar het was er amper meer. De laatste schuiten stonden ’s zomers als relikwieën op het strand en kwamen slechts in beweging, wanneer een badgast een halfuurtje begeerde te varen. De mannen monsterden aan in andere plaatsen, de vrouwen droegen nieuwerwetse japonnetjes. Zij geloofden en bleven de kerk trouw, maar mét de onzekerheid van hun dagelijks brood verdween de ondefinieerbare bekoring, het waas van zuiverheid, dat Jan Bauer vroeger om hen had waargenomen.

De kunstenaars, dat wist hij nu, zagen neer op al het maatschappelijke, dat zij burgerlijk noemden. Alsof een burger per se een verachtelijk mens was. Alsof het niet beter was, te streven naar eensgezindheid met zijn medeschepselen, door tezamen met hen te leven en te werken, dan hoogmoedig zich van hen af te zonderen en te verklaren, dat hun grauwe domheid niet meer dan verachting verdiende. Het waren niet allen Meilings, de hooghartige artiesten. Zij versmaadden het vette der aarde niet, indien hun dit werd geboden, ook niet als het hun door de hand van een burger werd gereikt.

Nadat Meiling de oude bouwkeet had verlaten, was deze lang onbewoond gebleven. Later trokken er andere schilders in, rumoerige lieden, dikwijls met vrouw en kinderen, een allegaartje. Gedienstige geesten brachten Bauer onder het oog, dat hij er niet goed aan deed, dat volk op zijn grond te

148

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.