Jeugdherinneringen

Titel
Jeugdherinneringen

Jaar
1925

Pagina's
150



XXIIIZATERDAG

!ET is Zaterdagmorgen.

De vermoeiende. rustdag grijnst me aan.

k— Wat, tegen de natuur van „het J kind” indruischt, bezwaart hem als een moeilijk verteerbare kost. Het geeft hem een gevoel van druk. —

Reeds maant de Zuiderklok met acht slagen, doch een benauwende stilte door het geheele huis, zelfs in de omliggende tuinen overheerscht haar.

„Sjjjt. Ma slaapt,” „Sjjjt. denk om broer.”

„Sjjjt,. voor de buren.”

„Gauw naar binnen!”

Geagiteerd neemt het keukenmeisje me het bakje met broodkruimels uit de hand, want van alle kanten komen de uitgehongerdc vogeltjes onder blij gejuich aanvliegen en bedreigen de afgedwongen rust.

„Sjjjt” . „Sjjjt” Het wordt een duivcl-schc kwelling voor de kleine woelwater, die wil uitjubelen: „Hij is er, de eerste betooverende lentemorgen, dien ik zoo lang in spanning verbeid heb, in dit ruwe voorjaar.”

Hoe zal ik dien dag doorkomen, door alle mogelijke voorschriften gekortwiekt.

Wanhopig loop ik naar Moeder.

„Maatje, wat moet ik nu toch doen?”

Met den poppenwagen rijden. . mag je niet, teekenen . mag je niet, knippen. . mag je niet, haken. . .

Moeder stuit mijn kattige opsomming door een

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.