Hij neemt waar, dat deze beide helften ontzaglijke bedragen voor bewapening uitgeven.
Hij beseft, dat de bewapening der Westerse wereld geen aanvallend karakter draagt. Dat zij slechts dient om een toestand te bereiken, waarin op de grondslag van kracht, macht en wederzijds ontzag, door onderhandeling een nieuw evenwicht in een naar vrede strevende wereld kan worden tot stand gebracht.
Maar, zeker wanneer hij democratisch socialist is, vraagt hij zich meermalen af: wat moet er van de toekomstige wereldvrede terecht komen, wanneer na de onderhandelingen de wereld-huishouding niet op betere grondslagen wordt gegrondvest?
Onze idealen van samenwerking tussen de volkeren, van grotere ineenvoeging der nationale economische eenheden, van internationale politiek voor werkgelegenheid, van maatregelen ter verzekering van een evenwichtig handels- en betalingsverkeer.... wat zal er van al deze denkbeelden in de practijk terecht komen?
Elk redelijk wezen weet, dat verwezenlijking van die denkbeelden een der voorwaarden is voor een nieuwe, een gelukkiger wereld.
Maar zullen zij worden verwezenlijkt?
Gaat de ontwikkeling der maatschappij ook in dit opzicht in onze richting?
Het kost, dikwijls al moeite genoeg om de ontwikkeling binnen de eigen landsgrenzen scherp te zien.... hoe veel moeilijker is het de grote lijn in de ontwikkeling der wereldhuishouding te volgen.
Er is veel, dat de mens van onze tijd in verwarring brengt.
Dan sluipt er. wel eens gevoel van twijfel in zijn gemoed. Het zou dom zijn dit te ontkennen.
Wanneer het democratisch socialisme met vertrouwen de toekomst tegemoet gaat — ondanks alles met vertrouwen tegemoet treedt, dan is het:
omdat haar kijk op de toekomst in het verlengde ligt van de ontwikkeling, die in staat en maatschappij valt waar te nemen voor iedereen, die ogen heeft om te zien, oren om te horen en hersens om er mee na te denken.
In de hoofdstukken V t/m XIV van dit boekje hebben wij geschetst hoe de ontwikkeling binnen onze landsgrenzen kan uitmonden in het Nederland, dat wij wensen te zien groeien en bloeien.
In de vorige twee hoofdstukken heben wij de kijk van het democratisch socialisme gegeven op enkele dringende vraagstukken van internationale aard.
De lezer heeft thans het recht te vragen: sluiten de oplossingen, die het Plan van de Partij van de Arbeid biedt voor deze internationale vraagstukken, aan op de ontwikkeling, die in de wereld valt waar te nemen.
Die vraag beantwoorden wij volmondig met: ja!
Eén Europa of géén Europa.
Het deel van de wereld, waarin wij wonen heet: Europa. Er wordt over de éénwording van dat Europa tegenwoordig veel geschreven en gepraat.
Laat ons het Westen van ons werelddeel bekijken. Daar liggen (om
92