te schieten. Jullie doet de deur keurig achter je dicht. En dan ga ik rustig deze gastvrije flat verlaten. Jullie laat me gaan, en ik beloof, dat ik de politie niet zal waarschuwen."
In het duister wordt weer krijgsraad gehouden.
„Niet te lang babbelen, Angelo", zeg ik ijskoud „want ik vertrouw jullie voor geen penny, en bovendien heb ik nog een afspraak met iemand. Ik tel tot tien, en dan wil ik jullie de slaapkamer zien ingaan."
Als ik aan nummerje vijf gekomen ben, zie ik het hele span als een optocht van schaduwen de slaapkamer binnengaan.
In twee grote stappen ben ik bij de buitendeur, die ik openruk. In de gang brandt licht. De lift staat niet op de verdieping, maar ik ben nooit te lui geweest om een paar trappen af te rennen.
Als ik weer op straat sta en de frisse buitenlucht inadem, vind ik, dat ik het er deze keer goed van af heb gebracht. Maar op het kantje was het wel, want ten slotte heb ik ook geen revolver bij me.
125