Jan de Troye
rapporten voor de vara schrijft. Het rapport van 1946 over de toekomst van het omroepbestel. Het rapport over de commerciële televisie. Het rapport over nieuwe taken voor de vereniging. Een rapport over reclametelevisie in het buitenland. En nog zo'n stuk of wat. Hij heeft nu Tmova' eraan gegeven om hele dagen aan de v ar a te kunnen wijden.
jandetroye. Hijis geen familie van de schone Helena van Troye, die, zo verblindend mooi was, dat om haar een levensgrote oorlog ontbrandde, waar de kinderen tegenwoordig op school de jaartallen van moeten leren, en waarover een groot Grieks dichter eindeloze verzen heeft geschreven. Hij moet wel afstammen van Franse hugenoten uit de buurt van Troie in Midden-Frankrijk. Trouwens een beetje onnederlands is hij nog steeds, van uiterlijk althans; af en toe denken zijn kennissen: hij heeft ook de Franse zwier (dat is niet hetzelfde als de Franse slag). Hij heeft van jongsaf radio willen doen. Verslaggever willen worden. Jantje de Babbelaar imiteerde in de huiselijke kring Han Hollander beter dan Han zelf het kon. Zijn ouders (stevige antirevolutionairen) wilden, dat hij Indisch recht zou gaan studeren. Hij echter gaf de journalistiek de voorkeur. Hij zelf dacht, dat hij literaire aspiraties had. Toen kwam de oorlog. Hij dook onder. Raakte in 1946 in de reclame verzeild, maar at daar geen zak zout. In 1947 kwam hij bij de
G. P. Bakker
124