maal opperbest____En ten slotte: wij hebben de
uitvinding!"
Daar was immers alles om begonnen!
Het is stil geworden in het vertrek.
Mr. Lawrence klemt de handen krampachtig om de leuning van zijn stoel. Herr Gutsberg ziet eruit, alsof hij met iemand geworsteld heeft. Monsieur Panier voelt zijn nieren weer pijnlijker dan ooit.
Mr. Filene belt.
De kellner schenkt de glazen vol.
„En verder", fleemt Mr. Filene weer, „is de zaak nogal duidelijk.... zou ik zeggen. De geruchten in de pers omtrent de nieuwe uitvinding kwamen uit New־York. Daar hebben wij voor gezorgd...."
„Goddamn", buldert Mr. Lawrence.
„Blijf rustig", hoont Mr. Filene, „ik herhaal: die berichten over de uitvinding kwamen uit New York. Daar hebben wij voor gezorgd. Ik snap best, waarom Mr. Lawrence zoo ongewoon doet.... Uw aandeelen zijn immers gevallen.... hoeveel staan die papiertjes van U, monsieur Marcel. Laag
hé? Enne____Herr Gutsberg, zoudt U denken, dat
U nog wat regeeringssteun kunt loskrijgen____?
Neem dan zoo spoedig mogelijk wat je krijgen
kunt. Alles is meegenomen____ mijne heeren, ik
ben het eens met wat Mr. Lawrence straks zei____
Laten wij niet langer kiekeboe spelen. Ik heb Uw
208