״Moet ik daarvoor zorgen? Als je dan maar meteen vertelt hoe?"
Mr. Lawrence lacht.
,.U bent een geslepen schavuit, meneer de Brie. Ik kan Uw tactiek waardeeren. Niets zeggen en
veel te verstaan geven, U begrijpt Uw belang!----
Uw kostje is gekocht, mag ik wel zeggen."
De Turksche schommel heeft Jacobus Fredericus de Brie nu met een ruk omhoog getild. Hij zweeft boven de huizen. Zijn lichaam weegt geen ons meer. Alle narigheid van een uur geleden is beneden gebleven. Hij begint de situatie te begrijpen. Die Engelschman lijdt aan dezelfde manie als die rechercheur. Denkt ook al, dat hij de moordenaar is, maar deze hier is leeper. Die knaap heeft geredeneerd: als De Brie de moordenaar is, dan heeft De Brie ook de uitvinding. En: ik moet die uitvinding van De Brie koopen!
Houd je nu stevig vast, Jacobus! Op de open tram heb je geen kans meer. Die is voorbij ge־ gleden; op de rails ligt de dooie John Masters. Je hebt den stang niet kunnen grijpen. Dit hier is geen tram, die in stevige rails rijdt. Dit is een avontuur. Die Engelschman heeft geld. Jij hebt alleen maar een stempelkaart en: je angst voor den dag van morgen en overmorgen. Hij loopt met kapitalen in zijn portefeuille. Tusschen jou en
156