polsen. Maar ik vond de gedachte aan een geschenk ronduit belachelijk.
״Zeg maar tegen Jankele," zei ik haar, „dat de Nederlanders een soort bijgeloof hebben. Voordat iemand jarig is, mag je hem geen cadeautjes geven; en als ik nu iets zou aannemen, voordat Sidney uit het rusthuis is, zou dat eigenlijk op hetzelfde neer komen, nietwaar? Zoiets brengt ongeluk aan."
Jankele schijnt voor deze uitvlucht te zijn gezwicht. Over dankbaarheid en geschenken sprak hij niet meer, maar hij hield me wel regelmatig op de hoogte van Sidney's toestand.
Het herstel van de jongen bleek langer te duren dan de artsen hadden verwacht. Gewoonlijk werd een vliegenier, die aan psychologische shock leed, binnen een maand of drie weer opgelapt. Dan stapte zo'n knaap weer in de machine. Vooruit, de lucht in. Maar Sidney deed er meer dan een half jaar over, voordat hij weer redelijk kon denken en reageren. En toen beslisten de dokters, dat hij voortaan beter op de grond kon blijven. Vliegen zou voor hem een te grote inspanning betekenen. Hij werd bij het grondpersoneel ingedeeld. Ergens in het hoge Noorden van Schotland werd hij gestation-neerd. Dat betekende, dat hij veel minder gelegenheid had om tijdens zijn verlof naar Londen te gaan. Maar als hij kwam, bleef hij een week. De eerste keer, dat Sidney in zijn nieuwe bestemming, zo'n langdurig verlof kreeg, viel juist in de tijd, dat Montgomery bij El Alamein de Duitsers de genadeslag in Noord Afrika had gegeven. De invasie van Italië scheen nabij.
Jankele had me opgebeld en gevraagd of ik zin had een van de avonden in de week van Sidney's verlof, mee te
206