Damrak, de trucjes van Madrilofsky... alles was ijdel gespin. Wat is er nu over ?
Hij trad de woning binnen. Hetzelfde vertrek. Even armoedig gemeubeld als vroeger, maar er stond een andere tafel en andere stoelen. 'Komt u toch binnen.'
De vrouw had een forse gestalte. Ze leek sterk als een man, maar ze had de lieve ogen van een vrouw, grijs en groen door elkaar.
'Jij bent Izak van Avrom, die ze Madrilofsky noemen.' Hij ging zitten.
'De Filistijnen trekken de stad binnen. Ik heb rondgelopen, totdat ik hier kwam.'
'Blijf, totdat je wat rustiger geworden bent.'
Buiten was het verkeer leeggebloed. Ze trok de gordijnen
dicht.
'Veel mensen maken zich vanavond van kant,' zei ze bitter. Izak dacht lang na.
'Wat is zelfmoord?' vroeg hij. 'Waarom verschilt de ene dood van de andere dood? Wie nu de straat opgaat en de vijand met een revolver aanvalt, wordt neergeschoten. Hij pleegt zelfmoord, maar de mensen zullen zeggen, dat hij een held is. Alleen God kent het verschil tussen zelfmoord en een gewone dood... als er verschil is.' Op straat reed een ambulance-auto voorbij. Het gegil van de claxon klom tegen de gevels op en stierf in de wolken. Hardop denkend zei hij:
'Wij joden zijn wat we zijn. Wij kunnen onszelf niet ontlopen en niemand laat ons ontsnappen.'
170