Maar hij zegt:
'Men moet de tering naar de nering zetten, anders krijgt de nering de tering.'
Ze plagen de brave Hendrik Jansen een beetje. Als zijn lange gestalte zichtbaar wordt (nog nooit heeft iemand hem zonder sigaar gezien, men zegt, dat hij met een peuk tussen de lippen slaapt), vertellen ze geheimzinnig, dat Jacob van Bloemie of Davidje sinaasappelen of piepers bij hem heeft gepikt, er is geen woord van waar en dat weet Hendrik, maar evengoed wordt hij kwaad alsof ze hem voor miljoenen hebben be-ganneft. Aan de huizenkant, waar Hendrik Jansen zijn nering drijft, staat in een donkere kelder bij manden vol vis Moossie Kanes en als ze in haar woning op de Breestraat niet te veel om handen heeft, komt Hitsie zijn vrouw in de zaak helpen. Hun dochter Stella heeft zich in het mooie hoofd gehaald, dat ze zo erg naar het toneel moet. Oi, wie heeft ooit zo'n rare melodie op een viool horen pompen? Mevrouw wil naar het toneel, gewoon Theo Mann-Bouw-meester. Maar wat de dochter wil, dat gebeurt ook. Ze is al een paar maal in de Tip Top bij Jopie Kronenberg opgetreden. Een succes, dat ze heeft gehad. De mensen hebben wel vijf minuten geklapt, en heus niet alleen omdat het meisje op het toneel een dochter van de buurt is. Nee, Stella Fontaine heeft geen vissenbloed, maar toneelbloed, van wie heeft ze het eigenlijk, van geslacht op geslacht is de familie Kanes in de handel geweest.
Boven de kelder is de kruidenierswinkel van meneer Leeuwarden. Hij is nogal bijziende, en zelfs de bril met vuurtoren-lenzen kan hem nauwelijks helpen, wanneer hij
104