J. W. C. TELLEGEN 255
aantal hopeloos verouderde bepalingen op het bouwen en een groep bouwondernemers, die — de goeden niet te na gesproken — in den naargeestigen bouw van de Pijp het maximum van hun kunnen hadden gepresteerd. Vatte Teilegen met energie zijn nieuwe taak aan, de grote ontplooiing van zijn activiteit kwam pas, toen in 1905 de Woningwet-Borgesius werd ingevoerd, die, als belangrijkste bepaling, de gemeentebesturen verplichtte om een bouwverordening in te voeren, zodat bij de uitbreiding der steden volgens vaste richtsnoeren zou kunnen worden gewerkt. De Amsterdamse Bouwverordening (die, behoudens enkele wijzigingen op ondergeschikte punten) thans nog geldt, maakte directeur Tellegen. Zij werd een voorbeeld voor geheel Nederland; de hoofdstad ging vooraan bij het werk der volkshuisvesting.
Het kenmerk van den bouw in de Pijp en gelijke buurten was de zogenaamde alcoof-bouw; de Engelsen hadden een karakteristieker woord gevonden voor dit woningtype. Zij noemden het: railway-tenement, omdat de kamertjes in deze woningen achter elkander lagen als de wagens in een spoortrein. Directeur Tellegen nam in het ontwerp voor de bouwverordening een verbod van alcoof-bouw op. Dat voorstel gaf hevigen strijd met Burgemeester en Wethouders, die een zo drastisch verbod niet wensten. Binnenskamers ging de strijd om den alcoof-bouw (die nog vele jaren daarna op tal van plaatsen in ons land zou moeten worden gestreden) tussen den directeur van Bouw- en Woningtoezicht en het college. Het alcoofverbod ging uit de definitieve voordracht, die aan den Raad werd voorgelegd, maar bij de behandeling door den gemeenteraad diende de sociaal-democratische heer P. L. Tak een amendement op de voordracht in; zo kreeg de Amsterdamse Bouwverordening ten slotte tóch haar alcoofverbod.
De nieuwe Amsterdamse bouwverordening heette in het spraakgebruik al spoedig: de verordening van Tellegen. Gebouwd