250 S. A. VEN ING MEI NES Z
rechte liefde kenden voor Amsterdam. Er was weemoed bij den scheidenden Burgemeester zelf, omdat hij niet meer voor de stad had mogen doen.
#
Nog enkele jaren woonde Vening Meinesz in Amsterdam. Op 7 Januari 1905 vestigde hij zich op het buitengoed ,,De Heiligenberg" te Leusden, waar hij 26 December 1909 na een kortstondig ziekbed overleed. Tot het laatst nam hij als lid der Eerste Kamer, waarvan hij bijna 25 jaar deel uitmaakte, aan het politieke leven deel.
Op 30 December maakte Vening Meinesz zijn laatsten tocht door Amsterdam. Duizenden sloegen langs den weg van het Centraal Station naar „Zorgvlied" den droeven stoet gade, eerbiedig groetend het stoffelijk overschot van den man, die, ondanks zijn ongenaakbaarheid hun toch sympathiek was geweest, een goed Burgemeester voor zijn stad.
Aan de groeve sprak Burgemeester van Leeuwen: ,,Ik heb bij dit graf een woord van dank en hulde te zeggen; van groten dank voor alles, wat gij, Mr. Vening Meinesz, veil had voor de belangen der stad, die ik hier vertegenwoordig, van warme hulde voor uw grote toewijding aan alles wat u in uw ambt werd opgedragen. Door uw buitengewone kunde en beleid, uw zeldzame onpartijdigheid en grote rechtschapenheid zijt gij een voorbeeld geweest voor allen, die met u mochten samenwerken in verschillende betrekkingen. Maar onder die betrekkingen is er ene geweest, die u voorgoed bindt aan de geschiedenis van uw land. Dat was uw burgemeesterschap.
,,Naast den bekwamen magistraat verliezen zeer velen in u ook den man met die grote eigenschappen, welke het best gekend en hoog vereerd werden door hen, die in uw onmiddellijke nabijheid mochten arbeiden: achter schijnbare koelte toch verborgt gij de hartelijkste en meest innige deelneming in het lot van