en nog acht broertjes en zusjes. De hele kelder was slaapplaats. Langs de wanden waren bedsteden getimmerd met deuren: die gingen overdag hermetisch op slot. In het middelste van die diligences gingen vader en moeder van het vriendje 's avonds ter ruste.
Zei juffrouw Halberstadt ongevraagd honderdmaal per dag:
'Als ik in mijn keukentje kook, stroomt het water in de hele woning langs de muren. De bedsteedeuren moeten overdag wel op slot en grendel, anders kunnen mijn Jopie en ik 's avonds met twee paar zwemkurken naar bed. Ze noemen het een kelder, voor mij is het meer een kledder.'
Maar tegelijkertijd was juffrouw Halberstadt trots op haar vochtig leger.
'Zou iemand willen geloven, dat in die eigenste bedstee, waar ik in slaap, de grootste actrice is geboren, die ooit heeft bestaan? Sarah Bernhardt, haar moeder was een vrouwtje van Kinsbergen. Later is ze naar Parijs gegaan en daar is ze Katholiek geworden, nee, niet de moeder, maar Sarah. Dat komt ervan als je onder 'De Bisschop' geboren bent.'
(De historicus Dr. Jaap Meyer heeft later vastgesteld, dat de grote Sarah nog éénmaal in die kelderwoning is teruggeweest. Samen met haar tante Mevrouw Levy-Kins-bergen, in de wandeling 'Lange Kidelen' geheten. Glimlachend zou ze hebben gezegd: 'Ik zou hier toch niet meer willen wonen.')
Sarah behoorde, ondanks de invloed van 'De Bisschop', tot de legenden van de buurt. Waar mensen bij elkaar wonen ontstaan verhalen, want elk mensenleven is een boeiende roman. In de oude buurt tussen Waag en Weesperplein zijn sprookjes geboren; en geslachten hebben ze verder verteld, eeuwenlang. Legenden en sprookjes, verzinsels en
204