gehad bij een zekere Constanz in Den Haag. Dat waren geen joodse instituten. Vroeger nam je net zo goed les bij een niet-jood als bij een jood.
We hebben jaren dansles gegeven. Het zat enigszins in de familie. Mijn moeder is van Meijers en er waren in Borculo en in Doetinchem meerdere Meijers die dansleraar waren. Medio oktober begonnen de lessen, maar half april begon je advertenties te plaatsen en zalen te huren waar je les wou geven. Je ging naar een plaats toe, zat een paar uur te wachten op klanten en als zich genoeg mensen hadden opgegeven voor een cursus ging de cursus door. Anders niet. We kwamen in verschillende plaatsen: Groenlo, Winterswijk, Aalten, Eibergen, Neede, Lochem, Diepenheim, Laren, Zutphen, Enschede, Haaksbergen, Delden, noem maar op. In al die plaatsen waren joodse gemeenten, maar wij hadden niet alleen joodse leerlingen. Ik gaf wel les aan de joodse jeugdclub in Zutphen, maar over het algemeen waren het gemengde lessen. De joden uit de streek kende ik toch wel goeddeels, want er was ieder jaar een grote landdag. Bijvoorbeeld in Arnhem, in Musis Sacrum. Het waren eigenlijk meer schadjendagen. Ik heb mijn eerste vrouw leren kennen op een landdag in Winterswijk. Of zo’n schadjendag nodig was weet ik niet, maar het was toch wel prettig. Je kwam sowieso veel met joodse mensen in contact. In elke plaats had je ieder jaar een joods bal. De balavonden hebben wij dikwijls geleid. Bijvoorbeeld in Rijssen. Dat gold als een zeer gevaarlijke plaats. Er werd gezegd dat je een mes mee moest nemen wilde je heelhuids terugkomen. In Rijssen waren het echte onbeschofte boeren. Maar we kwamen er desondanks ook op zondag veel, want er waren nogal wat meisjes waar wij op af kwamen.
De joodse balavonden hadden veel meer sfeer dan de niet-joodse. Op een niet-joods bal was het in hoofdzaak sjikkeren en zuipen. Ik herinner mij de bals in Winterswijk. Er was in Winterswijk een eliteclub: de burgemeester en zijn vrouw, een freule, een jonkheer. Als daar bal was dan werd de champagne niet gedronken, maar gezopen. Dat kwam op een joodse avond niet voor. Er werd tegen twaalf uur een souper gehouden en daarvoor een polonaise. Een jongen die met een meisje bal wilde houden vroeg haar voor de polonaise. Dat