„Het verkoopen der Huizen geschied thans nog in het voormalig Oude Zijds Heeren Logement. (Het stond waar zich nu de Kinderkliniek van het Binnengasthuis bevindt.) Vrouwen of Kinderen mogen geen huizen mijnen. Daar nu alle de verkoopingen bij opbod geschieden en aan de meestbiedenden een plok of plukpenning toegeweesen wordt:, zoo hadden veele lieden van ouds af de gewoonte om al hoger en hoger te bieden ter bekoming der plokpenning. Doch hiervoor is gezorgd doordien de hoogste bieder borgen moet stellen, ter keuze van den verkooper. Zoo hij het niet doen kan, wordt hij Schaap genaamd en uitgejouwd, ja, voor de eerste reize twee, en voor de tweede reize drie maanden in het Rasphuis gezet en voor de derde reize binnenskamers daar en boven gegeeseld.” Sinds geruimen tijd zijn er regelen getroffen tusschen de notarissen en de Makelaars-Vereeniging, o.a. dat men slechts door tusschenkomst van een makelaar kan koopen, waardoor aan misbruiken ten opzichte van het plok halen een einde is gemaakt, zonder dat rasphuis en karwats er aan te pas behoeven te komen.
Veel belangwekkender dan de huizen- zijn de tabaksveilingen, die eenige malen ’s jaars in Frascati worden gehouden. Daar spelen zich tafereelen van onbeschrijfelijke opgewondenheid af. Wilde jachten worden er gehouden, wedloopen en bestormingen. Wat dit alles heeft te beteekenen, of het zóó moet zijn en niet anders kan wezen, of tabak niet kan worden verhandeld zonder woest gedrang van hijgende menschen, is voor den oningewijde onbegrijpelijk. Maar het behoort tot de merkwaardigste veitoo-ningen van het leven der hoofdstad en is derhalve waard te worden gememoreerd.
Een beroemd veilinglokaal was dat van de firma Theod. Bom, in de War-moesstraat. Hier werden bibliotheken, boeken, instrumenten en curiosa verkocht. Het was het paradijs van biblophielen en verzamelaars, van zoekers en snuffelaars. Van eigenlijken handel was geen sprake, want de koopers uit winstbejag waren zeldzaam; liefde tot het boek, tot de wetenschap was de voornaamste drijfveer van hen, die hier naar schatten zochten en met elkander wedijverden om hun bezit.
Een soortgelijke, doch jongere instelling was die van R. W. P. de Vries, op het Singel. Beide behooren tot het verleden.
De voornaamste kunstveilingen waren, en zijn, die van Frederik Muller, in de Nieuwe Doelenstraat, die met de beroemde van Christie, te Londen, op één lijn mogen worden gesteld. Frederik Muller zal vermoedelijk de stichter zijn geweest, doch bij menschen-heugenis is er geen Muller aan de zaak verbonden. In schrijvers jeugd wasdeheerAdama van Scheltema,
292