St. Jficolaas Avond word gevierd met het geven van geschenken van Zuiker Gebak enz. aan de Kinderen, met het wandelen langs de Kalverstraat met Rijtuig en te voet. De Regeering maakt tegen dien avond bepaling wegens het Rijden van Rijtuigen door die straat.
De Kerstdagen, worden, evenals Paschen, de eerste Dag Godsdienstig en de tweede met bezoeken bij elkander gevierd.
Oude Jaars avond brengt men door met bijeenkomsten om het Oude Jaar in het nieuwe te houden; deze duren tot na twaalf uren; zommige schieten uit hunne huizen enz.
Bijzondere Vermaken, zijn er weinige, als zijnde het schieten naar doel of een Papegaai, het kaats- en Klootspel, het steken naar den Ring, het Cocagne-spel of naar een Mast klimmen, het maken waartoe een Maliebaan in de Diemersmeer was, zijn hier zedert lang in onbruik geraakt; toen de Fransche hier regeerden bragt men deze opnieuw ter bane. Ook de Harddraverijen zijn geheel verdweenen. Het schieten naar de schijf door de Militairen en Schutters vind zomtijds nog wel een plaats. Voorts bestaan de Bijzondere Vermaken voor de aanzienelijken om in den Zomer naar hunne Buitenplaatsen te gaan, en leven dan aldaar zeer deftig. De koopman en anderen, die geen Buitenplaatsen hebben, doen des Zaturdag en Zondags een pleiziertogtje naar buiten, hetzij met rijdtuig of met een Jagt. Vroeger ging men veel over ’t IJ, maar dit is nu veelal in onbruik geraakt. De Burgerstand en geringere vermaken zig des Zondags met een wandeling langs de Buiten Singels en de Vesten, of naar de Slaatuinen en de Diemermeer, of langs den Amstel en den Buitenkant, of door de Plantaadje. Zedert eenige jaren zijn na het afbreken der Vestmuren de Schansen tot Wandelwegen ingerigt; ook heeft men in de Plantaadje een groot en klein Park in gerigt, het welk zeer druk bezogt wordt; ook is men zedert eenigen tijd des Zondags morgens gewoon langs de Keizersgracht te wandelen, het welk de Pantoffel-Parade genoemd wordt. Van verre te gaan houden vooral de Vrouwen niet; van hier dat men op alle deze Wandelwegen eene menigte van kroegen en Wijnhuizen en Tuinen vind, alwaar men dan uitgaat zitten rusten en onder de gewone leuiden Amsterdammers zig goed laat opschaften, en geen geld ontziet als men uit is, onder het gebruiken van Koffy, Thee, Wijn of sterken Drank en bij het eeten van Scharren, Schol of Neuten en Koek of Brood, zig vrolijk maakt. Zedert de Brommertjes en Vigilanties in gebruik gekomen zijn, gaat een zeer groote menigte des Zondags uit toeren, of naar Roosenburg in de Diemermeer, om aldaar Thee te drinken; veelal word het in de voorige week verdiende Geld dan soms op eens verteerd.
7 97