OVERZICHT VAN HET JOODSE HUWELIJKS- EN ECHTSCHEIDINGSRECHT
scheidingsbrieven (gittin) schrijft met de gedachte dat daardoor mijn echtgenote N.N., dochter van N.N. van mij N.N., zoon van N.N. echtelijk gescheiden zal worden. Schrijver tot de echtgenoot: Zo zal ik doen.
15. Echtgenoot tot ieder der twee getuigen afzonderlijk:
U N.N. zoon van N.N. wees getuige en teken de scheidingsbrief die de schrijver N.N., zoon van N.N., zal schrijven, om daardoor te kunnen scheiden van mij, mijn echtgenote N.N. dochter van N.N. Teken deze scheidingsbrief of, wanneer deze niet in orde wordt bevonden, de volgende en zo bij herhaling totdat de voorzitter N.N. zoon van N.N. verklaard zal hebben dat de scheidingsbrief in alle delen, zowel ten opzichte van de tekst als van de handtekeningen van de getuigen, beantwoordt aan de bepalingen van onze godsdienstwet. Teken echter met de gedachte dat door deze scheidingsbrief mijn echtgenote N.N. dochter van N.N. van mij N.N. zoon van N.N. gescheiden zal worden. Getuigen (elk afzonderlijk) tot de echtgenoot: Zo zal ik doen.
16. Voorzitter tot de echtgenoot:
Geef nu de voorwerpen aan de schrijver.
17. Voorzitter tot de echtgenoot:
Zeg niets over de scheidingsbrief totdat de overhandiging zal hebben plaatsgevonden. U moet u onthouden van elke raadgeving, van elke wenk aan de schrijver omtrent het schrijven van de scheidingsbrief. U mag u, zolang de scheidingsbrief niet is getekend, geen moment verwijderen van de schrijver en de getuigen.
18. Voorzitter tot de getuigen:
U mag u vanaf het moment dat de schrijver het document begint te schrijven, niet eerder verwijderen dan nadat de dagtekening en de namen van de echtgenoot en zijn vrouw zijn geschreven, tenzij uw aanwezigheid elders dringend vereist is. In dat geval kunt u weggaan nadat de eerste regel van het document in geschreven, eerder echter niet. In elk geval moet u ieder afzonderlijk bij uw vertrek aan het perkament waarop de echtscheiding wordt geschreven een zeker kenmerk, een eigenschap ervan als herkenningsteken vastleggen zodat u later met zekerheid het document zult herkennen.486
19. Voorzitter tot de getuigen:
486 Zie: Orde, enz. bij volmacht paragraaf 10.