OVERZICHT VAN HET JOODSE HUWELIJKS- EN ECHTSCHEIDINGSRECHT
Wanneer ik een gelofte of eed of een dergelijke handeling heb gedaan, om mij daardoor te verplichten tot deze stap, dan voel ik nu oprecht berouw over deze handelingen.
8. Voorzitter tot de echtgenoot:
Wanneer u op het moment dat u bedoelde handeling verrichtte had kunnen denken dat u daarover laten berouw zou voelen, zou u deze handeling dan verricht hebben? Echtgenoot:
Dat zou ik zeker niet gedaan hebben. Daarom verzoek ik u mij van deze
verplichting te ontheffen.
Voorzitter en rabbijnen:
Het is je toegestaan (3%). (Moetar lachyx).^4
9. Voorzitter tot de echtgenoot:
Hebt u misschien iets gesproken of geuit waardoor de wettige kracht van de scheidingsbrief (get) geheel vernietigd of verzwakt zou kunnen worden? U kunt bijvoorbeeld voor getuigen verklaard hebben dat u gedwongen bent tot deze scheidingsbrief en dat u daarom wacht op een gunstig moment om openlijk de wettelijke kracht van deze echtscheidingsbrief te vernietigen. U kunt ook verklaard hebben: 'Ik geef deze echtscheiding niet uit vrije wil.' Dit, of iets dergelijks kunt u geuit hebben of u kunt ook een daad verricht hebben waardoor de wettigheid van de scheidingsbrief vernietigd, of in elk geval verzwakt zou worden. Echtgenoot:
Ik heb geen verklaring afgelegd, noch iets geuit of gesproken, noch een daad verricht waardoor de wettige kracht van de scheidingsbrief vernietigd of verzwakt kan worden.
10. Voorzitter tot de echtgenoot:
Voor het geval u wel een zodanige verklaring hebt afgelegd, of zoiets geuit of gesproken heeft, of een daad verricht hebt waardoor de wettige kracht van de scheidingsbrief vernietigd of verzwakt zou worden, maar u zich op dit moment niet kunt herinneren; voor het geval ook dat u uit vergissing of in dwaling, te goeder trouw, zonder de betekenis ervan te kennen, een zodanige daad hebt verricht, of zoiets hebt gesproken of geuit waardoor de wettigheid van de scheidingsbrief ontkracht kan worden - verklaar dan nu voor getuigen dat u elke uiting of handeling of daad van dien aard als vernietigd en als niet geschied wilt beschouwen. Echtgenoot:
484 Zie: Orde, enz. bij volmacht paragraaf 2.
188