Bijlage B,
HUISHOUDELIJK REGLEMENTVOOR DE
VEREENIGDE GEMEENTE 1).
Art. 1.
Do Mahamad zal hot hoogste bestuur in alles hebben, en niemand zal tegen zijne beslniten, die in het openbaar afgekondigd zijn, mogen handelen of zich in geschrifte daartegen verzetten, op straffe van Herem. Ook zal do Mahamad ieder ongehoorzaam lid van den Kaal (gemeente) kunnen verplichten in het openbaar van de Tebah vergiffenis te vragen, en tevens ieder ter Synagoge aanwezig Harnas het recht hebben iemand to bevelen, de Synagoge te verlaten, to zwijgen of zich rustig to houden, met bedreiging zelfs van Herem, alsmede hem te verbieden zijn huis te verlaten.
Art. 2.
In den Mahamad zullen niet tegelijk vader en zoon, broeders, grootvader en kleinzoon, oom en neef, schoonvader en schoonzoon, neven in den eersten graad, of zwagers zitting mogen hebben.
Art. 3.
Niemand zal, behoudens wettige redenen, mogen weigeren in den Mahamad zitting te nemen, of tusschentijds bedanken.
Art. 4,
De Mahamad zal eiken Zondag vergaderen; zijne besluiten moeten met 5 van do 7 stemmen genomen worden. In geval van noodzakelijkheid zal ook tusschentijds kunnen vergaderd worden. Wanneer één of twee leden ontbreken, zal, in geval vijf der leden eenstemmig zijn, over zaken van gering belang kunnen worden besloten, terwijl onderwerpen van gewicht tot
1) Vrjj vertaald uit het Spaansch. — liet bestaat niet in druk.