en voegt ze tusschen duim en vinger tot een klein bouquet. Hoe elke bloem de kleur van de andere anders maakt, de kleur van het bouquet....! Het blauw van eereprijs, het rood van klaver, purperen wik.... ze neemt ze een voor een eruit.... bekijkt wat overblijft.... en voegt weer in.... en kijkt.... en ziet het telkens anders worden....
Het raadsel van Simson.... hoe het was ? Ze spraken dus vlak naast haar door.... en even luid als straks.... en ze verstond geen woord.... als was ze weggegaan zóó heelemaal niemendal.... wat is dat vreemd... en ze zou haar verwondering wel willen houden.... maar de vraag. Was het niet iets van bijen en een leeuw, van kracht en zoetigheid ? Ze lachen allebei.... ja, zóóveel wisten ze ook.... maar hoe precies.... hoe vroeg hij het precies? Ja.... hoe precies.... ? Maar ze praten weer samen en laten haar los.... Nu weet ze wat, nu zal ze iets moois gaan maken.... een bloemtuil zooals je ze in de tuinen ziet, in groote steenen of kurken manden, waar midden-uit de groene, gladde sprieten over de bloemen heen in hooge bogen hangen.... Ze plukt het allereerst laag aan den grond satijnig breede grasjes uit, ze voegt ze tot een bundeltje aaneen.... en hoe dat dadelijk lijkt.... naar alle zijden vallen ze in boogjes uit.... Die mooie roode klaver komt nu eerst, dat is een roos, en zelfs de blaadjes zijn als rozenloof.... de blauwe eereprijsver-beeldt de zoetig-riekende, waarvan ze den naam niet weet, de madelieven groeien tot margrieten.... een zilverigste graspluim.... is spirea.... de wik lijkt nergens op.... maar moet erbij, hij maakt de kleur zoo vol, zoo rijk, zoo echt.... hij is de eerste en eenige die ze ooit in het speelveld vonden.... met doove-netel vang je niet veel aan, de grove bladeren hou
144